Vakscholing

Tijdens de Vakscholing leren onze docenten je in de loop van de jaren de geheimen van het klassieke schildersvak. De overdracht van vakkennis staat centraal, je leert verschillende beeldende technieken en vaardigheden te beheersen. Met het vak Compositie en expressie geeft de Klassieke Academie ook ruime aandacht aan het ontwikkelen van een eigen, persoonlijke expressiviteit. Als je bent geslaagd voor de Vakscholing en een positief advies hebt gekregen om door te stromen, kun je je aanmelden voor de Masterscholing.

Aanmelding en toelating

Je moet een toelatingsexamen afleggen voor de Vakscholing. De data kun je vinden op onze pagina Agenda. Als je je uiterlijk twee weken voor aanvang aanmeldt, ben je er zeker van dat je wordt uitgenodigd voor een toelatingsexamen. Bij latere aanmelding kijken we of het nog mogelijk is om je in te plannen.

Een aantal weken van te voren krijg je twee thuisopdrachten toegestuurd. Naast de resultaten hiervan bestaat het toelatingsexamen uit het bespreken van een overzicht van werk dat je meebrengt (inclusief schetsboeken). Jouw motivatie en ambities bespreken we natuurlijk ook. De toelatingscommissie bestaat uit docenten uit het eerste en tweede jaar van de opleiding.

Jaarlijks laten we maximaal 22 studenten toe. Kandidaten worden toegelaten op volgorde van het aantal punten dat is behaald op het toelatingsexamen. Wanneer je bent toegelaten, maar het maximum aantal studenten is bereikt, kom je op een wachtlijst. Je toelating blijft 1 jaar geldig.

Aanmelden opleiding Kosten opleidingen Studiegids opleidingen

Programma

De Vakscholing duurt drie jaar. Per week volg je vier praktijklessen van 2,5 uur en een theorieles van 1,5 uur. Daarnaast worden thuisopdrachten gegeven. De lessen vinden plaats op twee opeenvolgende dagen en staan per studiejaar vast. Kom je van ver, dan kun je toch alle lessen met 1 overnachting per week volgen. De nodige afspraken met werkgevers e.d. kun je dus lang van te voren maken.

In het eerste jaar ben je voornamelijk aan het tekenen en schilder je nog nauwelijks. De accenten liggen op de basistechnieken: tekentechnieken, anatomie, compositie, vorm, toonwaarden en de suggestie van ruimte op het platte vlak. Daarnaast krijg je een introductie in grafische technieken: hoogdruk (houtsnede), diepdruk (etsen) en vlakdruk (lithografie).
Het tweede jaar is een verdieping van en een vervolg op het eerste jaar. Je gaat dieper in op materiaalkennis en begint met schildertechnieken, waaronder kleurenleer en het schilderen met een beperkt palet.
Zowel in het eerste als tweede jaar volg je lessen Kunstgeschiedenis.
In het derde jaar ga je in verschillende technieken werken: gelaagd, primair, tonaal of met kleur. Je werkt onder meer met aquarel, pastel, acryl en olieverf. Het theorieprogramma bestaat uit lessen Kunstbeschouwing.

Vanaf het tweede jaar kun je, naast het reguliere programma, deelnemen aan facultatieve vakken op het gebied van anatomie, model, fijnschilderen en grafiek. Een week rond de herfstvakantie en de meivakantie is gereserveerd voor projecten.

Beoordelingen

Aan het einde van het eerste en tweede semester vindt telkens een collectieve werkbespreking plaats. Je ontwikkelingsproces is hierbij een belangrijk element, maar weegt niet zwaarder dan de resultaten. De nadruk ligt op je ambachtelijke vaardigheden.

De tussentijdse beoordeling na het eerste semester dient tot bijsturing. Na het tweede semester word je beoordeeld op de eindtermen van dat studiejaar. Deze eindtermen berusten op het kunnen samenvoegen van de verschillende lesgebieden in de vorm van een eindopdracht. Een positieve beoordeling is nodig om door te kunnen stromen naar het volgende leerjaar van de Vakscholing.

Als je bent geslaagd voor de complete Vakscholing ontvang je een getuigschrift.