Masterclass Henk Helmantel

Henk Helmantel: ‘Ik wil de masterstudenten leren om zo efficiënt mogelijk een schilderij op te zetten. De organisatie is daarbij belangrijk. Je moet van tevoren goed nadenken’, vertelt Henk. ‘Je begint met de opzet en denkt daarbij in vereenvoudigingen. Dan moet je je gaan afvragen hoe je het vervolg in gaat zetten en ga je schilderen en dan pas werk je naar het eindresultaat toe en ga je verfijnen. Maar studenten mogen ook een beetje eigenwijs zijn en moeten dan maar weer zien hoe ze daar weer uit komen.’

Alle studenten moesten zelf een stilleven opbouwen voor deze masterclass. En dat leverde totaal verschillende werelden op. Uiteenlopend van romantisch, met schedels en bakstenen afkomstig van verschillende plekken uit Nederland, tot zeer kleurrijke taferelen wat zich meer leende voor impressionistische verbeeldingen. Henk Helmantel verbaasde zich af en toe wel over de meegebrachte voorwerpen. ‘Hoe bedenken ze het?’ Zelf schildert hij graag mooie dingen die goed zijn in kleur en sfeer, zo liet hij de bezoekers tijdens het Open Huis weten.

De motivatie onder de masterstudenten was erg goed. ‘Ook om te luisteren’, zegt Henk. De studenten begrepen de aanwijzingen van Henk en hadden ook wel het gevoel dat de raad van Henk de juiste weg was om te volgen.
Henk wees de studenten erop dat vlakvulling iets anders is dan volverven en dat vormen én restvormen hun zeggingskracht moeten houden en ook schilderkunstig interessant moeten worden. Ook wees Henk de studenten erop dat ze moesten denken in hoofdzaken en ondergeschikte zaken, of dat nou in vorm, kleur of toon is. Henk liet daarbij alle studenten in zijn/haar waarde.

 

Volgens Betsy Klabbers, studente uit Master 2, werkte de totale rust en de leuke groep heel inspirerend. Je kreeg alle ruimte tijdens de Masterclass van Henk Helmantel, maar werd wel begeleid. Henk zijn opmerkingen sneden hout. Henk heeft een enorme kennis van de kunstgeschiedenis en waardeert ook schilders als Bonnard en Vuillaard, waar Betsy haar eerste opzet hem aan deed denken. Betsy haar stilleven bestond uit doorzichtige flessen, een bijna doorzichtige synthetisch groene doek, een appel in twee gestapelde schaaltjes en een cactus. Volgens Betsy niet een mooi stilleven, maar wel met veel verschillende stofuitdrukkingen. Ze zag er een uitdaging in om daar een compositie van te maken. Het schilderen van mooie dingen, zoals Henk doet, ambieert ze niet. Betsy ziet de uitdaging vooralsnog juist in de complexiteit.

Eline Brontsema, studente uit Master 1, heeft bij het opzetten van haar stilleven bestaande uit kaas, artisjokken en champignons gelet op compositie, vorm, kleur en verschillende stofuitdrukkingen. Henk heeft de meegebrachte etenswaar nog wat verschoven zodat het een driehoekscompositie werd. Eline vindt dat Henk een plezierige manier van lesgeven heeft. Hij vraagt veel en dringt zijn mening daarbij niet op. ‘Je bent hier om te leren. Het gaat niet om het eindresultaat’, en dat gaf Eline ruimte.
Ook drie hele dagen werken aan een stilleven heeft Eline als prettig ervaren.
Eline schildert zelf graag alla prima en is volgens haar zelf meestal niet iemand die lang door schildert aan een schilderij. Ze heeft nu geleerd om de eerste dag meteen een schets in kleur op te zetten in een dunne laag olieverf en dan de volgende dagen in steeds dikkere lagen eroverheen naar het eindresultaat te werken. Ze ontdekte dat langer werken aan een schilderij niet hoeft te betekenen dat je het dan ‘dood’ schildert.