Eindexamenkandidate Marein Konijn

Eindexamenkandidate Marein Konijn ging naar de Klassieke Academie omdat ze technisch beter wilde worden en dat is gelukt! Van échte leermeesters heeft ze het vak kunnen leren. Ze schildert plekken die bestaan en schildert deze op haar eigen manier. Schilderen is voor haar een zoektocht naar de wereld in haarzelf. Visuele prikkels zijn overal, die absorbeert ze. Ze zegt: ’En in mijn brein worden die beelden werelden op zich. Juist die verwrongen werkelijkheid, die schilder ik, vervlochten met de emoties van dat moment.’  Docent Peter Durieux heeft haar de basis bijgebracht van tonaliteit, docent Ruud de Rode dat je altijd wel iets boeiends vindt om te schilderen in de gekke werelden, die hij voor z’n studenten creëert en Xandra Donders de bewegende lijnen aan de hand van composities in de Donald Duck.

Marein vindt de sterke kanten in haar werk de verfhuid, de stenen die ze bijvoorbeeld schildert zijn ‘voelbaar’, haar sterke vereenvoudigingen in compositie, de tonaliteit en het gebruik van sterke contrasten in licht en donker. Als inspiratiebronnen noemt ze Alex Kanevsky en Carola Schapals. Schapals’s dromerige landschappen waarin delen zijn uitgeschilderd en delen suggestief zijn spreken haar erg aan. Op de vraag of dat ook in haar werk terug te zien is, antwoordt Marein dat ze wil maken wat ze zelf boeiend vindt en dat ze steeds verder op haar eigen schilderijen zal bouwen. Ze heeft geen stip op de horizon waar ze uiteindelijk naar toe wil. Laat dat graag open.
Ze heeft de hoop dat de toeschouwer iets herkent in haar werk. Als dat gebeurt, raakt ze zelf geroerd. ‘Dat mijn werk verbinding met een ander brengt, daar geniet ik intens van’.