Interview met Yolanda Kraaijpoel: Het ‘vrouw-van-schap’

Diederik Kraaijpoel wordt nog steeds gemist. Niet alleen door zijn weduwe Yolanda Kraaijpoel-Brandt en familie, maar ook door vrienden, collega’s en ex-leerlingen. Hij gaf 32 jaar les op Academie Minerva en was betrokken bij de oprichting van de Klassieke Academie. In het begin kwam hij op de vergaderingen, schreef in Klassieke berichten en gaf een keer per jaar les in het depot van het Groninger Museum in Hoogkerk over ‘de achterkant van het schilderij’. Velen bewaren herinneringen aan zijn uitgebreide kennis, zijn rake analyses en zijn snedige uitspraken, die vaak lachend geciteerd worden. Zijn kritiek kon hard aankomen, maar was altijd kernachtig en oprecht bedoeld.

Diederik en Yolanda waren, toen hij in 2012 overleed, dertig jaar getrouwd. Niet alleen in de verhalen over hem, maar ook in zijn schilderijen en tekeningen leeft hij voort. Voor haar zit aan ieder schilderij een verhaal vast. Diederik schilderde thuis in zijn mooie daglichtrijke atelier, waar een curveremmertje aan de balken herinnert aan de tijden van de vele lekkages uit de dakramen. Zij vergezelde hem meestal op zijn werkreizen (‘Een schilder heeft nooit vakantie’), waar hij tekeningen opzette, die hij in het atelier uitwerkte en die ook vaak als voorstudie voor een schilderij dienden. Yolanda genoot mee van de overweldigende, grillige, mensenloze vulkanische landschappen, zoals in Amerika (Utah, Arizona) en Tenerife, waar Diederik zo door geïnspireerd werd. In de vakanties met de kinderen in het wat lieflijker landschap van de Dordogne (voor Diederik eigenlijk iets te lieflijk), maakte hij hele uitgewerkte, verfijnde tekeningen, die hij later in het atelier nog op kleur bracht.

Yolanda hield van bezoeken aan collega’s waar altijd wat te kijken was en over het werk gesproken werd. Thuis leverde ze 'verplicht’ commentaar op Diederiks schilderijen. Zij fungeerde als de 'algemene beschouwer’ en de plekken in het schilderij waar ze bleef 'haken’ bleken altijd probleempunten waar toch nog iets aan moest gebeuren. Ook aan collega’s liet Diederik graag zijn werk zien en volgde soms hun adviezen op.

 

Naast het vrouw-van-schap werkte Yolanda als psycholoog in een revalidatiecentrum en speelt van jongs af aan piano. Sinds haar pensioen heeft ze weer les. Samenspelen doet zij graag. Zo heeft zij ook vioolspelende kinderen van vrienden jarenlang begeleid met Diederik af en toe als stimulerend publiek. Hoewel hij wel eens klaagde dat op de plek van de vleugel in het atelier eigenlijk zijn tekentafel moest staan, stond hij hier volledig achter. Hij was een groot muziekliefhebber en had vaak muziek aan als hij aan het werk was. In de 60er jaren hield hij al muziekavondjes met studenten, waar hij lp’s met klassieke muziek draaide. Er werd wat over de muziek en de componist verteld en daarna was het ‘koppen dicht’. Ook met Yolanda’s wandelvriendinnen en hun partners werden later dergelijke muziekavonden georganiseerd, die nog steeds gemist worden.

Een ander gebied waarop ze raakvlakken had, waren Diederiks boeken over de moderne/ conceptuele kunst, die veel stof deden opwaaien. Hij schreef analytisch, kritisch, recht voor zijn raap, maar ook humorvol en relativerend. Hij praatte niemand naar de mond, wat niet bij iedereen in de kunstwereld in goede aarde viel. Met collega Chris Herenius schreef hij Het Kunstschilderboek (Het handboek voor Materialen en Technieken), dat nog op de Klassieke Academie verkrijgbaar is.

Alle teksten voor boeken en artikelen die Diederik heeft geschreven, moest Yolanda corrigeren en van commentaar voorzien. Verstand van kunst was geen vereiste, taalgevoel wel (en dat heeft ze), want de schrijver is meestal net als de schilder geneigd 'met de fout mee te kijken’. Yolanda vond het leuk op deze manier bij zijn schrijverschap betrokken te raken en hield van het redactiewerk. Diederik waardeerde haar bijdragen en verzuchtte vaak dramatisch ‘wat had ik toch zonder je moeten beginnen’. Langzamerhand ging zij dit werk ook af en toe voor collega’s van Diederik vervullen.

Dit jaar is een bijzonder jaar met twee solotentoonstellingen, in het kader waarvan Yolanda in samenwerking met

Art Revisited een brochure met werken van na 1998 heeft samengesteld. Er is net een tentoonstelling geëindigd die vier maanden in museum Slager in Den Bosch heeft gehangen. Van 13 juli tot 28 augustus 2017 zijn schilderijen te zien in de Martinikerk in Groningen.